R.J. Peskens - Mijn tante Coleta

G.A. van Oorschot, Amsterdam (1976)

Titelverklaring:

De titel geeft aan, dat tante Coleta in het boek voor de hoofdpersoon een belangrijke figuur is, maar laat onvermeld, dat ook andere mensen - met name de moeder - een grote rol spelen.

De auteur:

R.J. Peskens is het pseudoniem van de uitgever Geert A. van Oorschot. Geert van Oorschot wordt op 15 augustus 1909 in Vlissingen geboren, waar hij ook opgroeit. Hij sterft in Baambrugge op 18 december 1987. Als uitgever bouwt hij een indrukwekkend fonds op, dat o.a. het complete werk van Multatuli, Couperus en Menno ter Braak omvat, en de Russische Bibliotheek. Verder richt hij in 1957 het literaire tijdschrift Tirade op, waarvan hij ook jarenlang redacteur is. In dit tijdschrift publiceert hij onder verschillende schuilnamen. In de jaren dertig publiceert hij zonder succes twee dichtbundels. Zijn prozadebuut, de verhalenbundel Uitgestelde vragen verschijnt in 1964; later geeft hij deze bundel, herzien en uitgebreid, opnieuw uit onder de titel Mijn moeder was eigenlijk een Italiaanse (’77). Het pseudoniem Peskens kiest hij vanwege het feit, dat Peskens een anarchist was. De voorletters R. en J. kiest hij uit bewondering voor zijn beide vrienden Richard Minne en Jan van Nijlen.

Zijn volgende werk is het succesvolle Twee vorstinnen en een vorst, een bundel autobiografische verhalen (1975). In 1976 verschijnt zijn romandebuut Mijn tante Coleta, ook sterk autobiografisch. Een op deze beide boeken gebaseerde bioscoopfilm gaat in 1981 in première. Ook in 1981 verschijnt de verhalenbundel De man met de urn.

Literaire stroming:

Moderne Nederlandse literatuur.

Genre:

(Sterk) autobiografische roman.

Samenvatting:

Het eigenlijke verhaal begint bij het huwelijk van Coleta en de lievelingsoom (Piet) van de ik-figuur, een 16-jarige schooljongen. Coleta is op dat moment 19 jaar. Het huwelijk wordt door de familie van de hoofdpersoon afgekeurd, omdat Coleta niet netjes genoeg zou zijn. De familie van Coleta woont een kwartier buiten het stadje waar het verhaal zich afspeelt, aan de bocht van de rivier. De moeder van de ik-figuur is een zeer eigenzinnige persoonlijkheid, die zich door niemand de wet laat voorschrijven. Zijn vader is een sociaal voelend man, die het gedrag van zijn vrouw enigszins in banen probeert te leiden. Hij is betrokken bij de plaatselijke politiek.

 

Oom Piet en tante Coleta gaan niet naar de zondagse familiebijeenkomsten bij de grootouders, maar komen wel op oma’s verjaardag. Er ontstaat ruzie, omdat de familie Coleta negeert. Piet en Coleta gaan boos weg. Wel nodigen ze de ik-figuur uit hen te bezoeken. Deze zou dat graag willen: hij is dol op zijn ‘geheimzinnige’ tante, van wie hij weet, dat ze wel eens naakt in zee zwemt. Hij droomt vaak over haar. Als hij Coleta een keer toevallig ontmoet, gaat hij met haar mee naar huis. Hij raakt erg onder de indruk van haar schoonheid en aantrekkingskracht, maar is tegelijkertijd bang, dat zijn moeder ontdekt dat hij haar ontmoet heeft. Zijn vader heeft er niets op tegen dat hij haar bezoekt. Hij gaat de volgende dag weer. Coleta vertelt hem, dat ze van haar saaie man eigenlijk niet mag zwemmen. Daarop spreken ze af zaterdagmiddag samen te gaan zwemmen. Die middag vrijt de ik-figuur in een duinpan met Coleta en daarna gaan ze naakt zwemmen. Zijn moeder waarschuwt hem voor Coleta, die volgens haar alle kerels verleidt.

 

De vader van de hoofdpersoon raakt in een politieke strijd met de AR-wethouder. Het gaat over krotten, die volgens de sociaal-democraten moeten worden afgebroken. Hij raakt daarbij in een moeilijk parket als de wethouder hem voorhoudt, dat zijn eigen vader (en dus de opa van de ik-figuur) ook geld opstrijkt voor enkele van die krotten. Tijdens een raadsvergadering valt de moeder van de hoofdpersoon wethouder Larmoes aan. De moeder moet later naar het politiebureau, maar weigert dit. Daarnaast weigert de opa van de ik-figuur de krotten van de hand te doen. Coleta bewondert de moeder erg om haar onverzoenlijke houding.

De ik-figuur gaat overstuur naar Coleta, die met hem naar bed wil. Dat durft hij niet. Hij heeft grote bewondering voor zijn moeder. Als Coleta hem de band met zijn moeder verwijt, begrijpt hij dat hij tussen hen in zit. De volgende zaterdagmiddag komt Coleta niet, zoals afgesproken, naar zee. De ik-figuur gaat naar haar huis en hoort dat ze van oom Piet niet mocht zwemmen. Hij krijgt van haar een briefje, waarop staat dat hij maandagochtend bij haar moet komen. Ze gaan dan samen naar bed. Het komt echter niet tot gemeenschap, omdat de ik-figuur te nerveus is. Ook bij een volgend samenzijn van Coleta en de ik-figuur mislukt de gemeenschap. Als ze op woensdagavond langs het strand wandelen, wil Coleta niet meer vrijen en weert hem af. Vervolgens barst ze in tranen uit. Hij troost haar, maar begint ook te begrijpen dat hun verhouding stukloopt.

 

Moeder moet voor de rechtbank verschijnen. Ze gaat wel, maar neemt plaats op de publieke tribune. Zowel Coleta als de ik-figuur wonen de rechtszitting bij, maar hij ziet haar niet. Moeder wordt veroordeeld tot ƒ 100,00 boete of 10 dagen cel. Hierop beginnen enkele mensen het geld voor moeder in te zamelen. Coleta is van mening, dat moeder dit geld niet moet aannemen. Als moeder dit hoort, krijgt ook zij meer waardering voor Coleta. Ze gaat samen met de vader bij Coleta en Piet op bezoek. De ik-figuur voelt dat hij beiden kwijtraakt; hij voelt zich verlaten en verraden. Als Coleta hem mededeelt dat het uit is, omdat ze moeder niet langer kunnen bedriegen, slaat hij haar in haar gezicht en loopt weg.

 

De ik-figuur slaagt voor zijn eindexamen. Vader vertelt hem, dat hij verder mag studeren, en dat de burgemeester voor een beurs zal zorgen. Moeder verbiedt hem dit aan te nemen, en zegt, dat hij voor zijn studiegeld moet gaan werken. Uiteindelijk gaat hij met vakantie naar Rotterdam, en vindt daar een baantje. Als hij weer thuiskomt, blijkt moeder weggelopen te zijn, omdat vader de boete heeft betaald. Drie dagen later gaat hij weer naar Rotterdam, maar moeder is nog niet terug.

Tijd en tijdvolgorde:

Het verhaal is chronologisch verteld, zonder flash-forwards of flash-backs. De vertelde tijd is ongeveer 10 maanden, vanaf september tot eind juli. Af en toe wordt het verhaal onderbroken door, cursief gedrukte, dromen van de ik-figuur.

Plaats/ruimte:

Het verhaal speelt zich af in een stadje dicht bij de zee en op het strand.

Karakterbeschrijving en –ontwikkeling / onderlinge relaties:

De hoofdpersonen zijn vlakke karakters.

Ik-figuur:

De hoofdpersoon is een 16-jarige schooljongen. Hij is nog onzeker en heeft nog geen eigen persoonlijkheid ontwikkeld. Hij vindt het moeilijk een keuze te maken tussen zijn moeder en zijn tante of tussen de mening van zijn vader en moeder.  Hij is een vlak karakter.

Moeder:

Een sterke, eigenzinnige persoon. Ze gaat haar eigen weg, ongeacht de mening van anderen. Zij is een vlak karakter.

Vader:

Hij is een sociaal voelende man. Hij wil het beste voor de mensen om zich heen.  Hij is een vlak karakter.

Tante Coleta:

Zij is onburgerlijk, avontuurlijk en sensueel. Zij is een vlak karakter.

Oom Piet:

Hij is nogal gewoontjes. Hij is erg verliefd op Coleta, die hij het liefst in een kooitje zou zetten, zodat niemand haar kan aanraken. Hij is een vlak karakter.

Geloofwaardigheid van het verhaal:

...

Thematiek:

Liefdesrelatie tussen een 16-jarige jongen - als onderdeel van het zich losmaken van zijn moeder - en zijn 19-jarige tante Coleta. Deze relatie loopt stuk op het moment, dat de beide vrouwen nader tot elkaar komen.

Voorkomende motieven zijn verder: het buitenbeentje in de familie zijn, de tegenstelling tussen anarchisme en parlementarisme en (valse) trots.

Motto:

Geen.

Taalgebruik:

Eenvoudig en helder.

Opdracht:

Geen.

Vertelsituatie:

Er is sprake van een  “achteraf vertellende ik-figuur”. Dit blijkt uit opmerkingen als: “Ik kan mij nog goed herinneren .....”, en uit het feit, dat de verteller soms commentaar geeft op zijn vroegere optreden.

Perspectief:

De lezer kijkt mee over de schouders van de ik-figuur (ik-perspectief).

Verhaalopbouw:

Het verhaal bestaat uit een aantal ongenummerde hoofdstukken .

Eigen mening:

....