Connie Palmen - De vriendschap

Prometheus, Amsterdam (1995)

> Titelverklaring:

De vriendschap gaat over de vriendschap tussen Kit en Ara.

> De auteur:

Connie Palmen wordt geboren op 25 november 1955 als Aldegonda Petronella Huberta Maria Palmen te Sint Odilienberg (Limburg). Zij studeert aan de Pedagogische Academie in Roermond. Op 22 jarige leeftijd gaat Palmen naar Amsterdam waar ze Nederlands studeert (cum laude geslaagd in 1986). Later studeert ze hier ook nog filosofie, ze is dan door het existentialisme van J.P. Sartre en een tijdje later door Foucault gefascineerd. Haar afstudeerscriptie wordt in 1992 gepubliceerd onder de titel:’Het weerzinwekkende leven van de oude filosoof Socrates’. Haar debuutroman De wetten krijgt veel aandacht, goede kritieken en heeft een hoge oplage. Ze krijgt voor deze roman het Gouden Ezelsoor. In 1995 verschijnt haar tweede roman De vriendschap. Dit is kort na het overlijden van haar levenspartner Ischa Meijer. Onlangs is een boek van haar over hem verschenen. Voor het boek De vriendschap ontvangt zij de AKO-literatuurprijs en de Publieksprijs voor het Nederlandse boek
.
> Literaire stroming:

Moderne Nederlandse literatuur.

> Genre:

Ontwikkelingsroman / ideeënroman.

> Samenvatting :

De roman begint als Catharina Buts (‘Kit’) 10 jaar oud is.Ze is tenger, blond en erg goed in taal, praat graag en wil iedereen te vriend houden. Ze ziet Ara en merkt dat ze er een vriendin van wil worden, maar ze durft zich door gebeurtenissen uit het verleden niet te hechten. Ze voelt zich erg verantwoordelijk voor het wel en wee van anderen, vooral van haar moeder. Hun verhouding lijkt koel maar blijkt het niet te zijn als Kit iets ingrijpends meemaakt: ontmaagding in het ziekenhuis. Kit wilde altijd graag een jongen zijn. Ze heeft 3 broers en leest veel jongensboeken. Barbara Callenbach (‘Ara’) is 11 jaar oud als ze elkaar voor het eerst ontmoeten. Ara is dik, heeft donker haar is erg slecht in taal (dyslexie), zij communiceert vrijwel non-verbaal. Ze is dus in bijna alles de tegenpool van Kit. In hun onderlinge relatie is Kit de Geest en Ara het Lichaam. Ze vullen elkaar prima aan. Op haar verjaardag krijgt Kit van Ara haar allermooiste verjaardagskado: een dagboek met daarin ” van jouw Ara”.

In deel 1 wordt het aanraken steeds belangrijker. De lichamelijkheid speelt een grote rol, zoals menstruatie en seksualiteit. Voor Kit is het een probleem om vrouw te worden. Ze is blij dat ze pas laat menstrueert. Ara daarentegen vindt het menstrueren geen probleem. Ze ervaart dit als het reinigen van haar lichaam: puur natuur!

In deel 2 krijgt de vriendschap steeds meer te verduren. Deel 2 eindigt dan ook met een daverende ruzie, op een verjaardag. Kit heeft een lijst gemaakt met 17 dingen over Ara waaraan ze zich ergert. Deze ruzie is de ergste die ze tot nu toe hebben gehad en Kit overweegt om definitief een punt achter hun vriendschap te zetten. Zover komt het echter niet. Ze gaat naar Amsterdam om te studeren en neemt zodoende afstand van Ara. Kit studeert filosofie en schrijft een proefschrift waarbij ze als maatstaf heeft: ”Als Ara het maar begrijpt”. Kit ontdekt dat ze een eetprobleem heeft. En alsof dit nog niet genoeg is, raakt ze aan de drank. Ook Ara kampt met verslavingen en gaat steeds meer Kit lijken, valt veel af, gaat ook schrijven en raakt ook aan de drank.

In deel 3 van de roman is Kit docent aan de psychologische faculteit. Ara is hondentrainster geworden, wat haar erg goed afgaat. Net als Kit heeft ze met mannen niet zoveel geluk. Ze krijgt een relatie met de stotterende Chinees Bing. Over hem wordt in het verdere verhaal echter niet meer gesproken. Kit ontmoet Thomas, haar grote liefde. Als hij naar Amerika vertrekt, wil ze met hem mee. Ze blijft eerst nog een week bij Ara. Een week waarin ze tot inzicht komt. Ze verbreekt de relatie met Thomas. Ze heeft een vermoeden hoe het gekomen is dat ze zich zo onzeker voelt: Ara is er de oorzaak van. Ze verwijt Ara: wantrouwen, machtsbelustheid en wreedheid!

Het laatste hoofdstuk is een brief aan Ara. Een verzoeningsbrief, waarin zij haar gedachten uiteenzet. Ze schrijft over de tegenstellingen die het menselijk bestaan bepalen: lichaam-geest, gevoel-verstand, lot-keuze. Het wordt duidelijk: vriendschap is macht.

Ze sluit af met: Ik hou van je.
     Zonder jou ben ik minder waard.
     Als ik mijn wijsvinger in de lucht steek, doe jij dan ginder hetzelfde?


> Tijd en tijdvolgorde:

De vriendschap beslaat de jeugdjaren (vanaf het 10e jaar) van Kit en Ara tot ongeveer de tijd waarin ze in de dertig zijn. In het verhaal staan flash-backs, vandaar dat het verhaal niet chronologisch is opgebouwd.

> Plaats en ruimte:

In hun jeugd wonen beide meisjes in een dorp in Limburg. Later woont Kit in Amsterdam.

> Karakterbeschrijving en ontwikkeling:

~ Kit (Catharina) Buts:

We leren Kit kennen als ze tien jaar oud is. Ze is een zeer leergierig kind, ze praat graag en veel. Gedurende het verhaal krijgt ze steeds meer een minderwaardigheidscomplex. Dit komt tot uiting doordat ze het gevoel heeft anderen (vooral haar moeder) tot last te zijn. Al in de puberteit wil ze zich laten steriliseren, want een gezin stichten lijkt haar maar niets en met jongens heeft ze toch al niets op. Lichamelijk contact vindt ze erg vervelend. Als haar menstruatie gestopt is en moeder daar achter komt, gaat zij met haar naar het ziekenhuis waar ze ontmaagd wordt. Kit krijgt een hormoonkuur, waar ze erg dik van wordt. De problemen die ze hierdoor krijgt, zorgen ervoor dat ze bij een psychiater belandt. Die denkt dat ze het erg vervelend vindt om als vrouw mooi gevonden te worden. Ara brengt dit beter onder woorden met: ‘Je vindt het wel prettig om als vrouw begeerd te worden , maar jij wilt meer om je geest dan om je lichaam begeerd worden’. Bij de meeste vrouwen is dat echter niet zo.

Ze raakt ook aan de drank, werkt desondanks veel. Ze is afgestudeerd als psychologe en filosofe en werkt momenteel als universitair docent. Ze wordt verliefd op Thomas waardoor ze ontdekt dat ze nooit meer alleen kan en wil zijn. Dit beangstigt haar zo dat ze nog meer gaat drinken. Ze heeft steeds meer contact met Ara door de vele telefoongesprekken die ze voeren. Het komt tot een breuk tussen Ara en Kit. Aan het eind wordt geïnsinueerd dat het weer goed komt. Kit is een rond karakter.

~ Ara (Barbara Callenbach)

Ara is de tweede hoofdpersoon van het verhaal. In het begin van de roman is Ara 11 jaar oud, ze praat niet veel en communiceert meestal non-verbaal. Haar ouders zijn welgesteld. Hoewel Kit de meer bespraakte van de twee is, kun je zeggen dat op de een of andere manier Ara de dominantere figuur is. Voor Ara is lichamelijkheid erg belangrijk, ook omdat haar taalgevoel niet erg goed ontwikkeld is. Later gaat ze schrijven. Ara ondergaat niet erg veel ontwikkeling, ze is een vlak karakter.

> Onderlinge relaties:

Kit en Ara zijn vriendinnen
Thomas is de (ex-)vriend van Kit

> Thematiek:

De vriendschap heeft als hoofdthema de onderlinge afhankelijkheid van mensen. Niet alleen tussen mensen maar ook op abstract niveau tussen de begrippen hart- hersenen, lichaam- geest, leven- dood. Ook kennis speelt een grote rol.

> Motto:

Een gedicht van Ischa Meijer (1943-1995):
Soep op het vuur is als een goede vriend, extra lekkere soep is als een nieuwe familie.

> Taalgebruik:

In het eerste gedeelte is het taalgebruik kinderlijk. Daarna wordt het taalgebruik ingewikkelder: filosofisch-analyserend. Deel 3 is het moeilijkst te begrijpen als je niet zo in filosofie thuis bent. Connie Palmen heeft een zeer directe stijl.

> Vertelsituatie:

De vrouwelijke ik-persoon (Kit) vertelt haar leven en verworven inzichten.

> Perspectief:

Ik-perspectief.

> Verhaalopbouw:

De roman bestaat uit 3 delen, resp. getiteld: ‘Dingen en woorden’, ‘Eten en drinken’, ‘Werk en liefde’. Elk deel beschrijft een aantal jaren uit het leven van Kit. De 3 delen zijn weer onderverdeeld in genummerde hoofdstukken.